
Gierzwaluwen
leven in de lucht

Alleen om te broeden (en soms bij extreem
slecht weer) verlaten gierzwaluwen tijdelijk het luchtruim. Ze zouden echter -
bij wijze van spreken - hun nest in de wolken bouwen, als deze het konden
dragen. Verder doen gierzwaluwen bijna alles vliegend.
In de vlucht worden vliegende insekten (en zwevende spinnetjes) gevangen en
opgegeten. Hun geopende snavel vormt een brede vangtrechter, waarmee ze per
dag enkele duizenden insekten verschalken. Daarbij gaan ze overigens wel
selectief te werk: tijdens het foerageren laten ze insekten die kunnen steken
ongemoeid. Ook het nestmateriaal wordt vliegend verzameld. Zwevende pluisjes,
strootjes, veertjes en soms ook stukjes plastic of papier worden uit de lucht
gehapt. In de nestruimte kitten de gierzwaluwen het verzamelde materiaal aan
elkaar. Hierbij maken ze gebruik van hun speeksel, dat hard wordt wanneer het
opdroogt. Het nest is in de eerste plaats bedoeld om te voorkomen dat de
eieren wegrollen. Gierzwaluwen broeden namelijk op plaatsen waar de ondergrond
niet altijd vlak is. Het nest begint als een eenvoudig opstaand randje, maar
kan in de loop der jaren uitgroeien tot een komvormig nestje. Juist omdat
gierzwaluwen jarenlang -vele zelfs hun hele leven - op dezelfde plek broeden,
kunnen ze van de nestbouw een 'meerjarenplan' maken. De summiere nestbouw kan
tevens verklaren waarom gierzwaluwen vaak een voorkeur hebben voor oude nesten
van onder andere huismussen en spreeuwen.Gierzwaluwen kunnen zelfs in de lucht
paren. Een gierzwaluw daalt hiertoe op de rug van de partner, waarna ze
gedurende enkele seconden samen verder zweven. Ook in de nestholte wordt
gepaard en het is daarom niet helemaal zeker of tijdens de paring in de lucht
het vrouwtje daadwerkelijk wordt bevrucht. Misschien is het een louter rituele
baltsceremonie. Hoe dan ook, voor degene die wel eens een paring in de lucht
heeft gezien, vormt het doorgaans een onvergetelijke waarneming. De nacht
brengen gierzwaluwen meestal ook in de lucht door. In groepen stijgen ze 's
avonds naar een hoogte van een tot drie kilometer, waar ze met trage
vleugelslag blijven rondzweven tot het weer licht wordt.Alleen gierzwaluwen
die een nestholte bezitten, zullen tijdens het broedseizoen bij voorkeur
hierin slapen.In perioden met veel regen en harde wind is het voedselaanbod
(vliegende insekten) gering. De gierzwaluwen kunnen dan tijdelijk uitwijken
naar andere delen van Europa waar het weer gunstiger is. Gierzwaluwen met
jongen kunnen dan wel tot meer dan duizend kilometer van hun nest zijn
verwijderd en enkele dagen wegblijven. Hoewel ze zelf nog niet kunnen vliegen,
zijn ook de jongen al aangepast aan het vliegende bestaan van hun ouders.
Wanneer ze enkele dagen geen voedsel krijgen, daalt hun lichaamstemperatuur en
raken ze in een soort winterslaapachtige toestand. Op deze manier kunnen ze
vele dagen zonder voedsel. Pas wanneer de ouders naar het nest terugkeren en
hun jongen verwarmen, worden deze weer actief.Al deze aanpassingen aan het
leven in de lucht maken het mogelijk dat gierzwaluwen maandenlang onafgebroken
in de lucht kunnen blijven. Met een gemiddelde snelheid van zo'n veertig
kilometer per uur legt een gierzwaluw een kleine duizend kilometer per etmaal
af! Dankzij de krachtige klauwtjes - die elk vier naar voren gerichte tenen
met scherpe nagels hebben - kan een gierzwaluw moeiteloos urenlang aan een
verticale wand hangen. De pootjes zijn weliswaar sterk, maar ook erg kort en
daardoor ongeschikt om ermee te lopen. Een gierzwaluw is geboren om te vliegen
en zal normaal gesproken niet op de grond gaan zitten. Het is echter een
hardnekkig misverstand te denken dat gierzwaluwen niet in staat zouden zijn om
vanaf de grond op te vliegen. Gezonde volwassen gierzwaluwen die per ongeluk
op de grond terechtgekomen zijn kunnen probleemloos opstijgen, mits ze een
vrije ruimte van enige tientallen meters hebben om langzaam hoogte te winnen.
De oorzaak van de wijdverbreide fabel dat gierzwaluwen niet vanaf de grond
zouden kunnen opvliegen, moet waarschijnlijk worden gezocht in het feit dat er
wel eens gierzwaluwen op de grond worden gevonden die niet meer kunnen
vliegen. Dit zijn dan volwassen vogels die ergens tegenaan zijn gevlogen of
die ziek en verzwakt zijn. Vaak betreft het ook jonge gierzwaluwen die het
nest voortijdig hebben verlaten.
Gierzwaluwen broeden meestal onder dakpannen en 's zomers kan de temperatuur
daar oplopen tot boven de vijfig graden Celsius. Bij extreem hoge temperaturen
gaan de jongen op zoek naar een koelere plaats en tuimelen dan wel eens naar
beneden.
Broedgelegenheden

Gierzwaluwen broeden in Nederland
uitsluitend onder dakpannen en in muurholten van huizen en andere gebouwen.
Door afbraak, renovatie en isolatie van oude (en minder oude) panden
verdwijnen zowel de gaten en spleten in muren als de kapotte en scheefliggende
dakpannen. Ook nieuwbouw biedt hun meestal weinig broedplaatsen. Door het
aanbrengen van kunstmatige nestholten voor gierzwaluwen kan de afname van
broedgelegenheid voorkomen worden.
Er bestaan speciale dakpannen, neststenen en nestkasten voor gierzwaluwen,
maar ook andere architectonische aanpassingen zijn mogelijk.
Gierzwaluwenwerkgroep

In 1993 is de Stichting
Gierzwaluwenwerkgroep-Nederland opgericht. Deze stichting ondersteunt
de lokale initiatieven op het gebied van gierzwaluwen en gierzwaluwen
bescherming door middel van voorlichting en advisering.
Zo mogelijk wordt ook concrete hulp geboden. Om kennis en ervaringen te
bundelen en deze voor anderen bereikbaar te maken, geeft de stichting het
periodieke informatieblad Apus uit. De stichting is lid en doet aan lokale
ondersteuning.
Lokaal
zwaluwenproject SNA werkregio

In onze werkregio kunt U, als U wilt
meedoen aan het Gierzwaluwen project van de Stichting Natuur Anders. Meer
informatie over de Gierzwaluw en ons project kunt U lezen op de projectpagina.
Klik
hier voor onze projectpagina